Janna 84
Vandaag zou Janna jarig zijn. Daarom wat herinneringen en verhalen.

Afscheid
Tweede kerstdag, een jaar of zeven geleden. We keken samen naar E.T.
Twee volwassen mensen op de bank. Buiten guur kerstweer, binnen Spielberg. En dan komt dat moment (‘phone home’): Elliot en E.T. moeten afscheid nemen – en wij zaten daar gewoon te huilen. Geen hysterisch gesnik, maar van die stille tranen die je nog probeert weg te vegen. We moesten er zelf ook een beetje om lachen.
En dat was fantastisch. Prachtig.
Ik weet nog dat ik er toen iets over postte op Facebook, dat ik met mijn moeder naar E.T. aan het kijken was, en dat een vriend daar erg om moest lachen (terecht). Maar wat ik er niet bij schreef, is dat we ook samen zaten te janken. 😆🥲
Er zijn mensen die E.T. geen goede film vinden – onbegrijpelijk, doch smaken verschillen. Maar toch: met je moeder op tweede kerstdag naar E.T. kijken en dan samen huilen – dat is gewoon next level mooi.
Rouw Magazine
We stonden ooit in de Margriet. En nu in Rouw Magazine, editie Haarlem/Amsterdam. Met een stukje dat ik zelf schreef.
Beeldbellen
Beeldbellen. Tijdens Corona snapte Janna het steeds iets beter. Maar een fan was ze er niet van. Beeldbellen, DigiD... ze kon zich drukmaken om de digitale ontwikkeling en hoe ouderen bij moesten blijven en hoe ze dit in godesnaam allemaal moesten snappen. Ze kon het zo vertellen dat het ook grappig was. Soms zei ik: 'Je bent een beetje boos op de wereld'. Daar maakte ik met AI nog een nummer voor haar over. AI noemde ze overigens A1.

Een laatste drup
Mijn moeder en ik gingen ooit middenin de nacht op zoek naar een fles witte wijn.
Om één uur ’s nachts, kriskras door Haarlem.
Ik bracht haar een verrassingsbezoek, maar ze was nog niet thuis.
Toen ze binnenkwam, zei ik: “Mam, ik heb het laatste glas opgedronken.”
Ze trok haar jas weer aan, terwijl ze zei: “Dan ga ik naar bed.”
We stapten in de auto. Benzinepomp, niks. Snackbar, niks.
Maar onder een toonbank, in een achterafstraatje, vonden we toch nog een fles.
Thuis lachten we en dronken soms tot de vogels floten.
Ze zei altijd: “Nog één drup,” of: “Ik neem het staartje.”
Ze was een vriendelijk, grappig type.
Dat zei ze ook over mij, toen ik vroeg hoe mensen mij zouden omschrijven:
“Een vriendelijk, lollig type.”
De laatste tijd hoor ik mezelf vaker dingen zeggen zoals zij, zoals “Hou nou toch op.”
En dan denk ik: Jee, ik lijk op haar.
❤️

Laat een reactie achter
Laat een reactie achter op de'Janna's tips'-pagina. Deel je gedachten, herinneringen of een boodschap van liefde.